Categorieën
creatief schrijven kinderen uitstap wandelen

Op bezoek in Marseille

Marseille zou de naam kunnen zijn van een lastige, overdadig met parfum besproeide tante met veel geld en een riante tuin waarin houten ligzetels staan naast haar zwembad. In zekere zin voelt de stad net zo. In-druk, in beide betekenissen, want naast de drukte die een grote stad met zoveel verkeer met zich meebrengt, had mijn analytische geest ook moeite met zoveel uiteenlopende indrukken. Het is een stad van extremen, tegengestelden en ontmoetingen. Dat laatste deelt ze met die andere havenstad Antwerpen, met wie ze sinds ’58 een vriendschap heeft gesloten.

We gingen een vriendin van mijn vrouw bezoeken, wat we veel eerder hadden gepland maar wat maar niet wilde lukken. Voor de treinreis die in zijn totaliteit een zeven uur zou bedragen, hadden wij bedacht dat onze kinderen de trip nauwelijks gingen overleven door alleen uit het raampje te kijken. Zodus haalden wij alle middelen in huis (zonder toe te geven aan die vreselijke kindertablets) in de vorm van boekjes, kleine speelgoedjes en genoeg knabbeltjes voor onderweg.

Dag 1: Olé! Nous sommes arrivés!

Toen we arriveerden in een tjokvol station stond het jonge koppel ons op te wachten. Ze zagen er erg Frans uit. Nog op het stationsplein merkte ik meteen de hoogteverschillen op in de stad: het zicht strekte zich helemaal uit tot aan een mooi kasteel (dat uiteindelijk de Notre Dame bleek te zijn en waar we zelfs even zouden binnengaan de volgende dag). C. vertelde honderduit over de heerlijkheid van het leven in de stad van de zeep, terwijl ik met een bedenkelijke blik trachtte zoveel mogelijk mensen te ontwijken, al moest ik daar fysieke manoeuvres voor ondernemen vanwege de drukte. Zoveel mensen, auto’s, fietsen, steps (!), brommers, bussen en trams! Het uitzicht boven was top, maar verder was dit vooral een echte stationsbuurt. De stad van de zeep waar niemand zich lijkt te wassen.

Na een tijdje leidde F. en C. ons richting ons hotel, dat in de zakelijke buurt gevestigd was. In mijn beste Frans deed ik moeite om de Belgische eer hoog te houden in een kleine wolkenkrabber gevuld met Amerikanen, Spanjaarden, Duitsers en Engelsen. De kinderen waren in de wolken met de lift en vooral het knopje om hem te roepen. We namen eerst een welverdiende douche om het treinzweet van ons af te spoelen en zouden die dag niet veel meer doen omdat het ondertussen al na etenstijd was en de kinderen waren moe. We zijn dan maar een paarse en groene vegetarische hamburger gaan eten bij de mij tot dan toe onbekende keten Flower Burger.

Dag 2: toeristisch treintje naar Notre Dame, Parc Longchamp en Vieux-Port

Vandaag begon onze eerste verkenning door Marseille en die begon aan de plek die je op menig postkaart van de stad kan vinden: Vieux-Port. De kinderen waren snel uitgekeken op de boten in de haven en zoonlief smeekte om het treintje op te gaan. Nu hebben we wel een beetje ervaring met toeristische treintjes, dit was toch van een ander kaliber. Het ding reed namelijk helemaal de berg op naar dat minuscule gebouwtje, wat ik nog steeds voor een kasteeltje hield. Het treintje voerde ons uit het Marseille dat we tot dan toe kenden en liet ons een totaal andere stad zien. Zee, zon, strand, palmbomen. Grote, op heuvels neergepote en met de natuur verweven huizen. Waren we in Miami?

Plots ging het treintje steil omhoog en volgde de ene na de andere scherpe bocht. Mijn vrouw en ik knepen elkaars hand plat en plaagden elkaar dat we schrik hadden. Even leek het treintje het ook op te geven en achteruit te bollen. Ik vermoedde dat we wat vracht moesten verliezen en keek naar het obese koppel voor mij. Gelukkig was het niet nodig en stonden we al snel op La Garde, het hoogste punt van Marseille, al waar de Notre-Dame de la Garde prijkte in al haar glorie. Een adembenemend zicht met de zon in onze nek (die ook ferm verbrand was ondanks veelvuldig gesmeer). De man van het treintje gaf ons met geoefende stem mee dat we 25 minuten de tijd hadden en vond het duidelijk nodig er ‘maximum!’ aan toe te voegen. Toen zette hij z’n Ray-Ban op en stak een sigaret op. We renden als gekken richting de 160-meter lange toren waarvoor we eerst een boel trappen op moesten. We namen de tijd om het uitzicht tot ons te nemen en ik dacht toen al: wat een vreemde stad.

Dag 3: Eindelijk een speeltuin gevonden + Plage des Catalans

De vriendin van mijn vrouw verwacht zeer binnenkort een eersteling en was benieuwd naar onze mening over de kindvriendelijkheid van haar niet zo nieuwe stad. Eerlijk als ik ben antwoordde ik dat ik de talloze zwalpende dronkaards, het schijnbaar gebrek aan verkeersregels en de weinige aandacht voor het feit dat er ook kinderen rondlopen me niet erg hoopvol stemden. Om dit te illustreren: we hebben ons suf gezocht naar een speeltuin met een beetje groen. Die vonden we dan nabij de Funny Zoo, nabij Parc de Longchamps. Over dat adjectief had F. al schertsend te kennen gegeven dat we zelf moesten ontdekken hoe ‘funny’ dat was. Meer dan enkele plastic dieren in oorspronkelijke kooien was er niet te zien, maar alles werd goedgemaakt met een rondje op een aftandse draaimolen.

Nadat mijn zoon een Franse veeg uit de pan van een oude heer had gekregen omdat hij een tros duiven opschrikte, verdwenen zijn tranen bij de belofte naar het strand te gaan. Het tweede dagdeel zouden we daar volledig spenderen, om die avond een goedkopere maaltijd te nuttigen in ons hotel, die bestond uit fruit, kaas en brood van de lokale Carrefour. Er stond een stevige mistral die even roet in ons plan leek te gaan strooien. Gelukkig voelden mijn kinderen die vervelende wind al niet meer toen ze het strand voelden onder hun teentjes. Ik was de enige die bleef worstelen met de gure noorderwind, wiens naam letterlijk ‘de meesterlijke’ betekent. Hij dwong mijn respect af en ik moest het onderspit delven, want ik voelde me ziek worden. Ik overliep alles wat ik in mijn mond had gestopt de vorige dagen, totdat Google me vertelde dat mensen effectief ziek kunnen worden van die wind. Die nacht sliep ik met een Dafalgan samen in met de kinderen.

Dag 4: Opnieuw strand en samen lunchen

Niettegenstaande mijn terughoudendheid om de wind opnieuw te trotseren, gehoorzaamden wij slaafs onze kinderen die voorstelden een dagje strand in te plannen omdat het écht mooi weer was. Daar viel weinig tegenin te brengen, het zou vandaag de warmste dag worden. Met een zak pijnstillers op zak stapte ik hoopvol de tram op richting Catalans. Deze keer gaf de mistral zich gewonnen en kon ik genieten van Luc De Vos’ Paddenkoppenland op het warme zand. Jassen gingen uit en zwembroeken aan.

Nadien hadden we met C. en F. afgesproken om te gaan lunchen bij een Midden-Oosterse bistro en ik hield mijn hart al vast hoe mijn zoon met zijn erg beperkte smakenpallet en afkeer van nieuwe dingen zou reageren. Verrassend genoeg lustten ze beiden het voor mij nogal zouten voorgerecht. Ik nam, alsof ik een fervent Fransman was, een Gambetta, een drankje dat ik de dag ervoor had leren kennen en typisch is voor het zuiden van Frankrijk. Ofschoon mijn vrouw en ik beiden slachtoffer werden van de verraderlijke zuiderse zon, was het weer een heerlijke dag.

It’s me, Leonardo, with my serious, commercial look.

Dag 5: Angsten overwinnen in volle zee

Het grootste avontuur hielden we voor de laatste dag: een van de vele archipels bezoeken die Marseille rijk is. F. raadde ons sterk Les îles du Frioul aan, omdat je daar een stuk ongerepte natuur kon intrekken én je ook iets kon eten. Onze vaarervaring die zich vooral beperkte tot de waterbus om over de Schelde te dobberen, deden ons niet aarzelen om gezellig de boot te nemen en bovendien bovenaan op het dek te gaan zitten. ‘Dat is het beste hoor kindjes, jullie zullen zien!’ peperde ik de bange blikjes in. Die arrogantie betaalden we met een natte klets in het gezicht van de Middellandse Zee. Mijn vrouw en ik hielden het hoofd koel – in mijn geval letterlijk – maar lazen de angst in elkaars ogen. Ik keek naar mijn vrouw en terwijl zij lachte hoorde ik haar denken: die boot schommelt nu wel erg hard, misschien is er iets mis! En terwijl ik de kinderen mondeling geruststelde dat dit natuurlijk altijd zo is, beantwoordde ik haar met mijn gedachten: ja, we gaan eraan, ik heb je graag gezien.

Conclusie: geen stad voor beginners of net wél?

Om de ambiguïteit van deze subtitel meteen te verhelderen: Marseille is allesbehalve een gemakkelijke stad. Daarom neig ik, als iemand die toch heel wat trips in verscheidene cities achter de kiezen heeft, te stellen dat het geen stad is voor beginners. Met zijn veelzijdigheid aan mensen, een wirwar aan verkeer en zijn clash van culturen. De onheilspellende vogelgeluiden in de Alcazarbuurt (zitten daar gieren of zo?), de loslopende honden en de onwelriekende stervelingen die als troubadours hun ochtendlijke gezangen met iedereen delen, willen of niet. Met zijn vele verscholen cafés zo groot als een berging, met hoogtes en laagtes om zeeziek van te worden. Met een accident om elke hoek. Met zijn in de zon glinsterende stranden naast vuilnisbelten, met chauffeurs die met het oog op een toeristisch succes hun leven op het spel zetten. Met de loeiende sirene als stadsymfonie. De stad die zijn geheimen moeilijk prijsgeeft maar je tezelfdertijd in het gezicht slaat met zijn majustueusiteit.

Misschien is het net om al die redenen een perfecte stad om mee te beginnen, want Marseille heeft alles. Alles wat je zoekt, en misschien ook alles wat je links wil laten liggen. Maar de stad maakt hoe dan ook een stevige indruk, en dat verkies ik boven alles.

Door Lennart

Lennart schrijft, componeert, lacht, huilt, observeert, denkt na en creëert.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.